PTSD: when the past invades the present
  • Home
  • /
  • trauma
  • /
  • PTSD: when the past invades the present

PTSD: when the past invades the present

trauma

Stel je voor: je staat in de supermarkt, hoort een hard geluid en opeens ben je er niet meer. Niet echt. In een fractie van een seconde ben je teruggekatapulteerd naar iets wat je liever vergeet. Je hart bonkt, je handen trillen, en de mensen om je heen zien alleen maar iemand die even stilstaat. Wat er van binnen gebeurt, is een wereld op zich.

Dit zijn flashbacks. En ze zijn een van de meest ingrijpende symptomen van een posttraumatische stressstoornis, beter bekend als PTSS.

PTSS wanneer het verleden het heden wordt

Van loopgraaf naar diagnose: een korte geschiedenis

PTSS is geen modern verschijnsel. Tijdens de Eerste Wereldoorlog zagen legerartsen hoe soldaten terugkeerden van het front met schokkerige bewegingen, starre blikken en een volledige emotionele ineenstorting. Men noemde het destijds shell shock letterlijk: granaatshock.

Lange tijd werd het weggezet als zwakte of aanstellerij. Pas in 1980 erkende de Amerikaanse psychiatrische vereniging PTSS officieel als diagnose, mede dankzij onderzoek naar Vietnam-veteranen. Sindsdien weten we beter: dit is geen karakterfout. Het is een psychische schade.

Wie loopt risico?

PTSS treft meer mensen dan velen denken. Uiteraard zijn oorlogsveteranen een bekende groep, maar de stoornis kent veel meer gezichten.

Slachtoffers van geweld of seksueel misbruik ontwikkelen regelmatig PTSS, zeker wanneer het trauma herhaaldelijk plaatsvond of op jonge leeftijd begon. Ook mensen die getuige waren van een ernstig ongeluk, een overval of een ramp kunnen ermee te maken krijgen. .

Wat minder bekend is: ook hulpverleners en medewerkers van hulpdiensten lopen een aanzienlijk risico. Ambulancemedewerkers, politieagenten, brandweerlieden en zorgverleners worden dagelijks blootgesteld aan schokkende situaties. Soms stapelt het zich op en zijn er meerdere trauma’s. Als er geen ruimte is om het te verwerken, dan heet dit een cumulatief trauma, en het is minstens zo belastend.

Wat er van binnen gebeurt

Bij een traumatische ervaring slaat het brein de herinnering anders op dan gewone herinneringen. Normaal archiveert ons geheugen gebeurtenissen als iets wat voorbij is. Bij trauma lukt dat niet altijd. De herinnering blijft als het ware in het lichaam.

Een geur, een geluid, een aanraking: dat zijn genoeg triggers om die beleving opnieuw los te maken. Dat is een flashback. Het brein maakt geen onderscheid meer tussen toen en nu.

Meer dan alleen flashbacks

PTSS beperkt zich niet tot terugkerende beelden. De stoornis heeft een breed spectrum aan symptomen die het dagelijks leven ernstig kunnen verstoren.

Veel mensen met PTSS slapen slecht of worden gekweld door nachtmerries. Ze vermijden plekken, mensen of situaties die hen herinneren aan het trauma. Paniekaanvallen met hartkloppingen, kortademigheid en een overweldigend gevoel van dreiging komen vaak voor.

Daarnaast zijn mensen met PTSS vaak voortdurend op hun hoede. Het zenuwstelsel staat permanent in alarmstand, klaar voor gevaar dat er misschien helemaal niet is. Dat maakt hen prikkelbaar en lichtgeraakt. Niet omdat ze moeilijk zijn, maar omdat hun lichaam hen vertelt dat ze nog steeds in gevaar zijn.

Er is hulp mogelijk

PTSS is serieus, maar ook behandelbaar. Therapievormen als EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) en traumagerichte cognitieve gedragstherapie hebben bewezen effectief te zijn. Ze helpen het brein om traumatische herinneringen alsnog een vaste plek te geven, zodat ze niet langer het heden binnenvallen.

De eerste stap is herkenning. Herkenning van wat er speelt, en de moed om er hulp bij te zoeken.

Trauma is niet iets om je voor te schamen. Het is een litteken van iets wat je hebt meegemaakt en hoewel littekens zichtbaar blijven, kun je ze wel behandelen.

Social

en_GBEN